Hervormde Gemeente Kinderdijk-Middelweg

02 | 06 | 2020

Waarde Ds. D. Ph. C. Looijen en natuurlijk ook uw vrouw en kinderen en kleinkinderen hierin betrekkend.

We weten dat u niet graag in de spotlights wil staan. En hopelijk is ons dat allemaal gegeven.

Maar zo rond 1 januari, gaan toch ongemerkt de gedachten uit naar het jaar anno 1980. Dat was toch wel voor u en ook voor onze gemeente Kinderdijk-Middelweg een bijzondere dag. U was net verhuist van Zeist naar Kinderdijk en had de intrek genomen in de nu zgn. “oude pastorie” van onze gemeente aan de Molenstraat 151.  Ik zie u nog rijden, naar ik meen, een “oude” Renault 4.

Toen u na 26 beroepen, in 4,5 jaar tijd, onze gemeente door de Heere kreeg toebedeeld, was het enthousiasme en de dankbaarheid enorm groot. Dat wil ik illustreren met het geval toen ds. J. J. Poort in december 1979, vrij onverwachts een preekbeurt terug gaf. In deze dienst werd voorzien door uw voorgaan, ds. Looijen. Onze toenmalige scriba, broeder Mees Cinjee, mocht dat afkondigen en deed dat op een manier, waar de vreugde van afspatte, op een wijze en toon zoals een artiest wordt aangekondigd als hij op het toneel verschijnt: Onze toekomstige predikant: ds. Looijen!

U woonde de eerst 3,5 jaar, samen met nog 2 voorgangers in Gods kerk, nl. een oud gereformeerde en een gereformeerd vrijgemaakte broeder op de Kinderdijk, en daarna nog een tijdje aan de Middelweg in de nieuw gebouwde pastorie.

1 januari 1980, een partij sneeuw, dat gaf behoorlijk impact en ds. L. Nieuwpoort, uw bevestiger was (te) laat en de dienst moest dan ook later beginnen, naar ik heb begrepen. Maar het mocht toen gebeuren dat u geknield voor Gods aangezicht de zegenende handen van Zijn dienstknechten boven u mocht weten, nadat u krachtig had uitgesproken: Ja, ik van ganser harte! VDM, dienaar van het goddelijk woord. U mocht iets gaan doen wat eigenlijk een mens helemaal niet kan. Maar dat is nu juist de weg van onze en uw God: verkondigen opdat zondige en verloren mensen gered worden en de eer van deze God gaan verbreiden. Opdat Hij de eer krijgt Die Hem toekomt. Zo mag u nu alweer 40 jaar in Zijn dienst staan. Waarvan de helft in diverse gemeente in het land, en ook de andere helft in het belang van de landelijke kerk en gemeenten, zoals GZB en IZB en als adviseur van de classicale vergaderingen in Zuid-Holland. Al met al een flinke staat van dienst, waarvan u zelf zal zeggen: het is ontvangen en in alle gebrek gedaan uit liefde tot God en de naaste. De woorden uit Hebreeën 5 vers 4 zijn hierbij zeker van toepassing: Niemand neemt de eer voor zichzelf, maar men wordt er door God toe geroepen, zoals Aaron. Waar ook verwezen wordt naar zijn roeping in Ex. 28 vers 1.

VDM, het is al een keer genoemd een afkorting die wel eens de vraag opriep wat het betekende als men het las bij een van onze predikanten. Iemand maakte er, VDM. van de middelweg van.Het is de afkorting in het Latijn van verbi devini minister, dienaar van het goddelijk woord, het kan je gaan duizelen en toch geroepen om het in de praktijk te brengen. Dienaar, om te dienen, zoals Jezus Christus heeft gediend, zo mocht ook u, uw diensten geven in de gemeenten en de landelijke kerk. En de Heere heeft het gezegend, we mochten levens zien veranderen, daarom ook alle lof aan God, Die die zegen schonk en nog steeds schenken wil.  Prediken of ten diensten daarvan staan, opdat dat heilige mag gebeuren, want het heeft God behaagd door de dwaasheid van de prediking, zalig te maken die geloven. 

En daarom wil ik eindigen met de wens dat u, ds. Looijen en niet minder uw vrouw, die onmisbare zegen van de Heere onze God toebidden, bij datgene wat nog mag worden gedaan in het Koninkrijk van God hier in de tijd die jullie nog uit Zijn hand mogen ontvangen. Zegen voor u persoonlijk, uw vrouw en kinderen en kleinkinderen en allen die u lief en dierbaar zijn.

Ik wil de gemeente vragen om samen met ds. Looijen en zijn gezin, staande, te zingen de verzen 1, 4, 5 en 9 van psalm 8. Waarin de majesteit van God wordt bezongen en waarin ook ondanks de nietigheid van ons als mensen het nochtans wordt geuit, wat deze mens mag en moet doen nl. heersen over de werken van Zijn handen, en het daartoe ……. het zal uitlopen op de eer van God, over het gehele wereldrond.  

We zingen dus psalm 8 de verzen 1, 4, 5 en 9.

Zoeken
Nieuws
Dagelijks Woord
Recent gewijzigd
Meest gelezen